TERMEN EN BEGRIPPEN

Speler

Eén van de leden van een team.

Team

Een team bestaat uit maximaal zestien personen, waarvan ten

hoogste elf spelers in het veld en de overigen als wisselspelers

op hun teambank.

Veldspeler

Eén van de spelers op het veld anders dan de doelverdediger.

Doelverdediger

Eén van de spelers van elk team, die beschermende uitrusting

draagt, tenminste bestaande uit hoofdbescherming en die de

rechten heeft van een doelverdediger.

Aanval / Aanvaller

Het team dat een goal probeert te scoren, dan wel een speler van

dat team.

Verdediging / Verdediger

Het team dat probeert te voorkomen dat een goal wordt

gescoord, dan wel een speler van dat team.

Achterlijn

De korte grenslijn (55 meter) van het speelveld.

Doellijn

De achterlijn tussen de twee doelpalen.

Zijlijn

De lange grenslijn (91,40 meter) van het speelveld.

Cirkel

Het gebied aan elke kant van het veld, dat wordt begrensd door

de lijnen van de twee kwartcirkels, met de binnenste hoekpunten

aan de voorzijde van de doelpalen als middelpunt, en de verbindingslijnen

tussen de kwartcirkels; de lijnen zijn onderdeel

van de cirkel.

23-metergebied

Het gebied dat wordt begrensd door de lijn op 22,90 meter van

elke achterlijn en de aansluitende delen van de zijlijnen en achterlijn,

de lijnen zelf meegerekend.

 

Spelen van de bal (door een veldspeler)

Stoppen, laten afkaatsen of in beweging brengen van de bal

met de stick.

Forehand

Spelen van de bal in voorwaartse richting, terwijl deze aan de

rechterzijde van de speler is.

Slag

Spelen van de bal door middel van een zwaaiende beweging van

de stick naar de bal.

Push

Verplaatsen van de bal over de grond met een duwende beweging

van de stick, nadat de stick eerst dicht bij de bal is

geplaatst. Wanneer een push wordt uitgevoerd, zijn zowel de

bal als de haak van de stick in contact met de grond.

Flick

Zodanig pushen van de bal dat deze van de grond afkomt.

Scoop

Omhoog brengen van de bal van de grond door de haak van de

stick onder de bal te plaatsen en vervolgens een optillende

beweging te maken.

Schot op doel

De actie van een aanvaller die probeert te scoren door de bal van

binnen de cirkel in de richting van het doel te spelen.

Indien de intentie van de speler duidelijk was dat hij een doelpunt

wilde maken door de bal in de richting van het doel te spelen,

is er ook als de bal het doel mist sprake van een ‘schot op

doel’.

Speelafstand

De afstand waarbinnen een speler in staat is de bal te bereiken

om deze te kunnen spelen.

Tackle

Een actie waarmee men probeert een tegenstander de bal te

ontnemen.

Overtreding

Een actie die indruist tegen de regels en die door een scheidsrechter

kan worden bestraft.